[ www.climbing.nl ]  [ Home ]
 [ Prikbord ]
 [ Klimgids ]
 [ Competitie ]
 [ Internationaal ]
 [ Alpine ]
 [ Bleau ]
 [ Clubs en X-tra ]
 [ Site info ]
DCH > Internationaal > Australië  
 [ Internationaal
 ]


 

Laatste bericht 
op prikbord:
03:44:11

Volgende
competitie
wedstrijd:
28-29-30 mei

 

Enquête:
Wie zorgt voor de grootste verrassing tijdens de Worldcup in Eindhoven?

Dennis Teijsse

Dirk Mol

Elko Schellingerhout

Hans Busker

Kim van den Hout

Marianne Verhage

Marianne van der Steen

Pim Cattenstart

Rachèl Nilwik

Roelien van der Vrie

Timo Tak

 


 [ Zomerabo 2010 ]

***Three Star Diet Down Under***

Door : Boudewijn Docter

 [ Mount Arapiles; op het hoogste punt is de wand ongeveer 150 meter hoog ]
Mount Arapiles; op het hoogste punt is 'ie ongeveer 150m hoog

Wat doe je als je voor een conferentie naar Australië gaat? Dan maak je daar gebruik van om er zoveel mogelijk vakantie aan vast te plakken. En wat als dat maar 2 weken is? Dan zorg je er voor dat je in die 2 weken zoveel mogelijk 3-sterren routes klimt. En hoe doe je dat? Door een paar oude vrienden te charteren die je precies kunnen vertellen waar je die routes kan vinden! Een verslag van drie dagen Mt. Arapiles, drie dagen Grampians en drie dagen in the Blue Mountains, three stars all the way!

Arapiles

Het verhaal gaat dat in de zestiger jaren een stel klimmers een anzichtkaart van Mitre Rock te zien kregen, en besloten om eens te gaan kijken of daar niet wat te klimmen was. Tot hun grote verbazing vonden ze niet alleen Mitre Rock, maar ook de paar honderd keer grotere Mount Arapiles!

 [ Mitre Rock gezien vanaf Mt. Arapiles; zo moet de ansichtkaart die de eerste klimmers onder ogen kregen er ongeveer uitgezien hebben ]
Mitre Rock gezien vanaf Mt. Arapiles; zo moet de anzichtkaart die de eerste klimmers onder ogen kregen er ongeveer uitgezien hebben

Op het eerste gezicht lijkt Mount Arapiles niet veel voor te stellen. Het is een brede rotsformatie midden in een volkomen platte vlakte die ook in Nederland niet zou misstaan. De rots bestaat uit veel spleten, horizontale rotsbandjes, torens en gully's en het lijkt alsof er geen mooie grote wanden zijn die van de voet tot de top rijzen. Dit is tot op zekere hoogte wel waar, maar als je dichter bij de wand komt, blijkt dat het geheel veel groter is en dat er overal verborgen sectoren zitten die elk weer ander type routes voor je in petto hebben, de meeste van hoge kwaliteit en over het algemeen goed af te zekeren. Arapiles is dan ook niet voor niets een van de populairste klimgebieden van Australië.

 [ Mark Gould in de 2e lengte van Auto Da Fe (90m, grade 21) ]
Mark Gould in de 2e lengte van Auto Da Fe (90m, grade 21)

Mount Arapiles ligt ongeveer 3,5 uur rijden ten noord-westen van Melbourne. Het klimgidsje (Selected climbs, van Simon Mentz & Glenn Tempest) beschrijft rond de 1000 routes en is verkrijgbaar in een van de vele gearshops in Melbourne (Little Bourke street) of in het klimwinkeltje in Natimuk, het dichtsbijzijnde dorpje vanaf Arapiles. Kamperen kan voor 2 Aussie Dollars per tent per nacht in de Pines Campsite op 5 minuten lopen vanaf de wand.

 [ Auto Da Fe (90m, grade 21) ]
Auto Da Fe (90m, grade 21)

De meeste routes moet je zelf afzekeren met nuts en friends (alhoewel er ook wel wat behaakte, voornamelijk erg zware, sportklimroutes zijn), maar de rots heeft veel structuur en op die plekken waar het echt slecht af te zekeren is zijn meestal wel enkele haken geplaatst. De meest bekende route in Arapiles is waarschijnlijk Kachoong (21). Dit is een van de meest gefotografeerde routes ter wereld (kijk maar eens met Google image search!) vanwege het imposante dak, wat echter slechts grade 21 (oftewel ongeveer 6b/6b+) is, en vanwege het mooie uitzicht op de omgeving. Vlakbij Kachoong is nog een klassieke grade 21, A Taste of Honey, die echter een stuk lastiger is dan de grote bakken van Kachoong. Een mooie bijkomstigheid is ook dat het naklimmen van de laatste route minstens zo committing is als het voorklimmen, dus er is geen mogelijkheid voor de makkelijke weg! Daarnaast zijn The Bard (120m, grade 12), Auto Da Fe (90m, grade 21), Thunder Crack (30m, grade 20) en Quo Vadis (33m, grade 19) ook echte aanraders.

The Grampians

"The Grampians recipe is as follows: take a pancake-flat plain, stir in a hundred mountains and let it sit for a while. Now add a few thousand cliffs, throw in a handful of rivers and lakes, and add kangaroos, koalas and emus. Cover the whole lot in eucalypt forest, and then pour in a large measure of sunshine. Heat gently under a spacious, blue Australian sky. Garnish with cockatoos, kookaburras, rosellas and peregrine falcons. Serve warm." Zo begint de introductie van de Selected Climbs guide van de Grampians (ook van Simon Mentz & Glenn Tempest, ook verkrijgbaar in bovengenoemde plaatsen), en ik kan het zelf niet beter omschrijven.

 [ Taipan Wall in het licht van de ondergaande zon ]
Taipan Wall in het licht van de ondergaande zon

Het National Park The Grampians ligt ietsje dichter bij Melbourne dan de Grampians, maar het hangt er erg vanaf welk gebied je wilt bezoeken hoe lang je onderweg bent. Er lopen weinig (verharde) wegen door het park zelf, en zeker tijdens de avondschemering kan je er niet hard rijden: er springen om de haverklap kangeroes en walibi's over de weg!

 [ Adam Demmert werkt aan de crux van World Party (27) in de Taipan Wall; de route net links van hem is Invisible Fist (26) ]
Adam Demmert werkt aan de crux van World Party (27) in de Taipan Wall; de route net links van hem is Invisible Fist (26)

Het gidsje beschrijft zo'n 40 gebieden met gemiddeld een stuk of 20 routes per gebied. Single pitch, multi pitch, behaakt en niet behaakt, je vindt hier alles. En er komen ook nog steeds nieuwe routes en nieuwe gebiedjes bij, maar voor een kort bezoek is het Selected Climbs gidsje voldoende. Het gidsje noemt ook kort de verschillende boulder-gebieden (waarvan sommige volgens het boekje meer dan 300 boulderproblemen omvatten), maar daarvoor zijn er vast wel betere topo's verkrijgbaar. De rots varieert van hetzelfde harde grijze quartsiet als in de Arapiles tot zacht rood zandsteen, en de boulders aan de voet van veel wanden doen je af en toe denken dat je in Bleau bent.

 [ Malcolm ‘HB’ Matheson  warmt op in zijn route Monkey Puzzle (28) in The Gallery; volgens de verhalen heeft hij de route eens meer dan 10 keer achter elkaar gedaan ]
Malcolm ‘HB’ Matheson  warmt op in zijn route Monkey Puzzle (28) in The Gallery; volgens de verhalen heeft hij de route eens meer dan 10 keer achter elkaar gedaan

Het meest bekende gebied in de Grampians is Taipan Wall. Op deze oranje-rode wand vind je veel van de moeilijkste routes in de omgeving. De wand is veel overhangender dan hij in eerste instantie lijkt. Zo deden wij bijvoorbeeld The Invisible Fist (30m, grade 26), en bij het laten zakken hang je dan toch zomaar een meter of 6 à 7 uit de wand. Dit heeft onder andere tot gevolg dat alleen de meest uitgesproken structuren beklommen kunnen worden, zodat alle routes erg mooie natuurlijke lijnen volgen. Wil je nog overhangendere routes? Dan kan je terecht in The Gallery, met klassiekers als Weave World (23) en Monkey Puzzle (28). Je waant je hier echt weer in de klimhal, maar het uitzicht is wel honderd keer beter!

Wild kamperen in het park is toegestaan, maar er zijn ook meerdere goedkope campings. Je verblijf hoeft je dus niet veel te kosten.

 [ Neil Monteith in Weave World (23) ]
Neil Monteith in Weave World (23)

Blue Mountains

Sydney en Melbourne zijn de twee grootste steden in Australië, en er is behoorlijk wat rivaliteit tussen de twee. Sydney is veel meer een internationale metropool met allure (Harbour Bridge, Opera House), maar Melbourne claimt de culturele hoofdstad van het land te zijn, waar altijd wat te doen is en waar lekker eten en drinken voorop staat. Hoe je het ook wendt of keert, het zijn twee compleet verschillende steden, maar ze hebben één ding gemeen, ze hebben allebei super mooie klimmogelijkheden in de buurt en daar zijn ze het gelukkig wel over eens!

 [ Typisch uitzicht in de Blue Mountains; de rotswanden liggen rondom het centrale plateau en zijn kilometers breed ]
Typisch uitzicht in de Blue Mountains; de rotswanden liggen rondom het centrale plateau en zijn kilometers breed

Ongeveer 100 km ten westen van Sydney liggen de Blue Mountains. Echte bergen zijn het natuurlijk niet, alhoewel je als Nederlander niet echt recht van spreken hebt, maar de hoogste punten liggen slechts rond de 1000 meter boven zeeniveau. Dit is echter genoeg verschil om het gebied een ander klimaat te geven dan aan de kust, en het is er vaak bewolkt en mistig, waaraan het gebied dus ook zijn naam te danken heeft.

Toen de eerste bewoners (euhh, Westerse? - Red.) van Australië vanaf de kust landinwaards trokken, waren de Bluey's lange tijd een grote hindernis. Totdat men er achter kwam dat de bergen niet door de dalen bedwongen moesten worden, maar juist over de hoge plateau's, waar de begroeiïng veel minder dik is. Het gevolg is dat de doorgaande wegen allemaal over deze hoogvlaktes lopen, en daar zijn dan ook alle dorpen ontstaan. De grootste plaats is Katoomba, en hier vind je dan ook de meeste winkels, café's, restaurants en pensionnetjes, want de Blue Mountains is van oudsher ook de plaats om naar toe te gaan als je op huwelijksreis bent…

 [ Geoff Hall in Grape Hour (25) Boronia Point. Foto: Dave Berry ]
Geoff Hall in Grape Hour (25) Boronia Point; foto: Dave Berry

De hoogste concentratie klimgebiedjes vind je echter rond Blackheath, zo'n 20 km verderop. De rots bestaat uit een erg ruwe soort zandsteen, die als je niet uitkijkt (m.a.w. de verkeerde routes probeert) de huid op je vingers binnen no time verslindt. De meeste routes zijn 1 touwlengte (alhoewel er ook routes van 7 of 8 touwlengtes zijn), en de stijl van klimmen is meestal erg technisch op vertikale rots (bijvoorbeeld Cosmic County), waarbij een goede weerstand vereist is. Er zijn echter ook flink overhangende wanden, zoals Centennial Glen en Boronia Point. Hier kan je ook op regenachtige dagen klimmen (ja ja, die bestaan ook in Australië!).

Over het algemeen zijn de (1000+) routes behaakt, maar het komt veel voor dat men zogenaamde carrots gebruikt. Dit zijn bouten met een dikke kop, die meestal in de rots geslagen zijn (dus geen expantiebouten of lijmhaken o.i.d.), en waarbij je zelf de bolt-plates mee moet nemen. Dit zijn een soort plaatjes met een omgekeerd sleutelgat achtige vorm in het midden, die je met de grote opening over de bouten kan hangen en vervolgens naar beneden kan schuiven. Als je er dan een setje in klipt kan het plaatje er niet meer af, maar het is al met al een heel gepruts en een leuke extra weerstandstraining, waar je niet altijd op zit te wachten!

Ook hier is het mogelijk om wild te kamperen, alhoewel ik weinig geschikte plaatsen heb gezien. Er zijn ook verschillende campings en ontelbare hoeveelheden appartementjes in en rond Katoomba en Blackheath, maar ik weet niet wat de prijs van zulke accommodatie is. Het beste kan je natuurlijk gewoon bij een van de locals logeren!

 [ Pfff, toch maar weer wat meer weerstand gaan trainen! Foto: Dave Berry ]
Pfff, toch maar weer wat meer weerstand gaan trainen!
Foto: Dave Berry

Al met al is twee weken natuurlijk veel te weinig tijd voor deze drie top-gebieden. Daarnaast heeft Australië nog veel meer klimmogelijkheden, bijvoorbeeld in Mount Buffalo en rond Brisbane. En niet te vergeten in Nowra, wat net ten zuiden van Sydney ligt. Kortom, we moeten nog een keer een tweede trip naar Australië plannen, maar de volgende conferentie is geloof ik in Canada. Vervelend zeg…;-)


 | 
 
DCH | prikbord | klimgids NL | competitie | bleau | alpine | zoek | redactie |
internationaal | bergsport.com | SAC's : N : A : E : L : Nij : Y | X-tra : nmga : klim-x |
demmenie : axis : la sportiva : belle maison : nkbv : de klimmuur : klimhal a'dam |
 Pagina laatst
bijgewerkt op:
© '94-'09 climbing.nl all rights reserved12 nov 2005